Pannekoeken
Pannekoeken (met gist; 2-4 stuks)
300g bloem
1 ei
15 g verse of 8 g gedroogde gist
1/2 l melk
5g zout
boter, olie of spekvet
stroop of basterdsuiker
Van bloem, aangemengde gist, 2 1/2 dl lauwe melk, ei en zout een glad beslag maken. Dit beslaan of flink roeren en dan roerende verdunnen met de rest van de melk. Wie dikke pannekoeken wil bakken, moet 1/2 dl melk minder nemen. Wie grote dikke pannekoeken bakt, krijgt hiervan 2 stuks. Het beslag afgedekt ca. 1 uur laten rijzen.
In hete boter of vet vlug de pannekoeken gaar en aan beide kanten bruin bakken. Bij het uitscheppen het beslag zo min mogelijk 'breken'. Een deksel op de pan leggen om dikke pannekoeken sneller gaar te maken. De koeken keren als de onderkant mooi bruin en de bovenkant droog is. Wat vet toevoegen en de tweede kant bruin bakken. De pannekoeken geven met stroop of met suiker.
Spekpannekoeken
Het beslag maken zoals in het vorige recept is aangegeven. Het spek zonder zwoerd in plakjes snijden of het gesneden kopen, lichtbruin bakken en voor iedere pannekoek wat vet en stukjes spek in de koekepan doen. Verdere bereiding als vorig recept. De pannekoeken geven met stroop.

